Van zzp naar vaste dienst: ‘De kracht zit erin dat alle besturen en directeuren dezelfde lijn volgen.’


17 december 2025

Het aantal zzp’ers en uitzendkrachten bij basisscholen in en rond Amsterdam is sinds vorig schooljaar met meer dan de helft afgenomen. Dat komt door de gezamenlijke afbouw van inhuur van zelfstandigen door de besturen van Amsterdamse basisscholen in het BBO. Ook Wilma Veldman, sinds 2009 directeur van basisschool De Odyssee (AMOS), beperkte de inzet van zzp’ers in haar formatie.

 

Wilma zag de samenstelling van haar team door de jaren heen veranderen: “We begonnen met een vaste ploeg. Mensen kwamen zelfs helemaal uit Noord-Holland naar Amsterdam om hier les te geven. Maar vanaf 2016 werd het steeds moeilijker: advertenties leverden nul reacties op. Alleen bureaus reageerden, maar vaak niet met de kwaliteit die je wilde.”

Zo kwam ze in de wereld van zzp’ers terecht: “Eerst via bureaus, daarna via platforms zoals ‘flexonderwijs’. In het begin bood dit uitkomst, maar uiteindelijk liep ik tegen het probleem aan dat zzp’ers zich minder verbonden voelen met de school. Ze doen hun lessen, maar zien zichzelf niet als onderdeel van het team. Toch had ik op een gegeven moment zes of zeven zzp’ers rondlopen, omdat er geen alternatief was.”

 

Gezamenlijke koers

Dat veranderde toen het BBO vorig jaar een gezamenlijk beleid invoerde om zelfstandigen af te bouwen. “Tot vorig jaar hadden we nog drie hele banen ingevuld met zzp’ers. We waren al begonnen met het opleiden van eigen mensen: mbo’ers, hbo’ers, LIO-studenten, zij-instromers. En zijn toen ook een mini-opleidingsinstituut geworden. Dat was echt een omslag.”

Het bestuur AMOS speelde hierin een belangrijke rol: “Ze informeerden ons over het beleid en HRM keek mee naar ons personeelsbestand. Eerst leek het alsof álle zzp’ers zouden verdwijnen, maar dat bleek niet haalbaar. Nieuw-West kwam alleen al 200 banen tekort. Dus het werd een afbouw, stap voor stap.”

Wilma benadrukt dat de gezamenlijke koers van de besturen doorslaggevend was: “Het BBO heeft duidelijk gezegd: we willen het aantal zzp’ers terugbrengen. Dat werkt alleen als iedereen zich eraan houdt. Als ik zeg: ‘Bij mij kun je niet meer als zzp’er werken,’ maar een andere school doet dat wel, dan sta je met lege handen. De kracht zit erin dat alle besturen en directeuren dezelfde lijn volgen.”

 

Intern succes

Het gesprek met zzp’ers werd daardoor makkelijker: “Ik zei eerlijk: ‘Volgend jaar is er waarschijnlijk geen werk meer als je niet in dienst komt.’ Sommigen zagen de voordelen, bijvoorbeeld vanuit de cao of een vast inkomen. Maar er waren ook mensen die het niet wilden. Dan houdt het op.”

De gaten wist ze uiteindelijk op te vullen: “Drie van onze LIO’s hebben hun diploma gehaald en zijn fulltime in dienst gekomen. Van de zij-instromers bleef er één, en dit jaar leiden we weer drie nieuwe op. Op één dag na hebben we alles kunnen invullen. En ja, die ene dag staat er nog steeds een zzp’er.”

Het vaste team reageerde positief op de uitbreiding met vaste krachten: “Het gaf echt een boost aan de teamspirit. Ze waren trots op de collega’s die hun diploma haalden en blij dat er vaste mensen bij kwamen. Iedereen zet zijn schouders eronder, ook al vraagt het veel begeleiding en coaching.”

 

Investeringen voor duurzaam resultaat

Wilma ziet nog wel een uitdaging in de kwaliteit van het onderwijs, een van de uitgangspunten van het nieuwe beleid: “Sommige zzp’ers waren heel goede leerkrachten. Nu hebben we vooral starters voor de klas staan. Je moet eigenlijk 4000 uur lesgeven om een goede basisleerkracht te worden. Dat is 4,5 jaar. Dus ja, het kost tijd en begeleiding om het resultaat duurzaam te laten zijn.”

Haar advies aan andere directeuren en besturen: “Investeer in het opleiden van je eigen mensen en zorg dat je ze behoudt. Goed werkgeverschap helpt daarbij. Als je laat zien dat je goed voor je medewerkers bent, waardering geeft en zorgt dat er ruimte is voor begeleiding, dan blijven ze. En daarnaast: hou je aan de afspraken. Alleen als we het allemaal doen, werkt het beleid dat we met elkaar hebben afgesproken in het BBO. Het bestuur speelt daar een sleutelrol in, door ons te ondersteunen en de kaders duidelijk te maken.”